Roze Wielen
Vanuit mijn werk en vanuit persoonlijke ervaringen ben ik bezig met de onderwerpen homoseksualiteit en met handicap / chronische ziekte. En dan vooral met de combinatie daarvan.
Vorig jaar was ik aanwezig bij bijeenkomsten van ProGay waar ik (weer) werd geconfronteerd met het feit dat 'de homo met een handicap' niet vanzelfsprekend wordt meegenomen in activiteiten en beleid.
Dat is geen onwil, dat de gehandicapte homo niet in de gedachtegang zit ingebed ligt meer aan de onbekendheid ermee en de onzichtbaarheid (hoe vaak toont een zichtbare gehandicapte zich in de homoscene? In het fysiek ontoegankelijke homoleven van Amsterdam toch maar zelden) dan met moedwillig buitensluiten.
Sinds 2007 zat ik in de werkgroep Homo en Handicap van COC Amsterdam. Daar merkte ik al snel dat het onmogelijk was met een kleine werkgroep zonder duidelijke ondersteuning of financiële middelen ons doel te gaan realiseren. Als ik iets zou willen doen voor de homo met een handicap, dan zou dat professioneler en groter moeten worden aangepakt dan mogelijk is vanuit een werkgroep.
Een eenvoudige "oplossing" leek dan de homo met een handicap een gezicht en een stem te geven. Niet vanuit één enkele vrijwilliger die zijn nek uitsteekt en binnendringt, maar een beeld neerzetten van de vrij onzichtbare groep homo's die vanwege zijn beperking niet veel op de gangbare activiteiten en bijeenkomsten gezien wordt. Zo ontstond het idee voor een boek voor en over gehandicapten met homoseksuele gevoelens. Om hen een gezicht te geven zodat ze gezien worden en hen een stem te geven zodat ze gehoord worden. Dit ingeleid met een theoretisch verhaal over het hoe en waarom van hun speciale positie binnen de homobeweging, hun beleving van het hebben van een handicap in combinatie met de beleving van hun (homo)seksualiteit, én dan ook een praktisch plan om de toegankelijkheid van de homosubcultuur in kaart te brengen.
Op dit plan kreeg ik van COC Amsterdam de terechte opmerking dat zo'n boek juist net niet de mensen bereikt die ik wil bereiken én dat zo'n afgerond project grote kans heeft om bij eerdere initiatieven en onderzoeken in een la te belanden waar er nooit meer iets mee gedaan wordt. Na die zinnige opmerkingen ben ik weer verder gaan denken; het zou laagdrempeliger moeten worden, en tegelijkertijd dieper en breder moeten worden aangepakt zodat na afloop van het project de homo met een handicap niet weer uit beeld verdwijnt.
Ergens in een weekend ben ik dan een opzet gaan maken voor een project Roze Wielen, groter en breder dan het eerder bedachte boek .Gaandeweg is het idee steeds groter geworden, dan weer even iets verkleind om uiteindelijk groter dan verwacht opgepakt te worden door COC Nederland. Roze Wielen werd met enthousiasme ontvangen omdat ook zíj zien dat er een groep mensen nog niet goed mee kan doen binnen de activiteiten en hun belangen niet altijd goed zijn behartigd.
COC Nederland maakt zich dan ook sterk voor het opzetten van dit programma en het verkrijgen van subsidie ervoor.
Het programma Roze Wielen moet de roze gehandicapte in beeld brengen zodat hij niet meer genegeerd kan worden. Tegelijk moeten de roze gehandicapten ook zelf in actie komen omdat alleen zij zelf goed kunnen aangeven wat hun wensen en behoeften zijn. Roze Wielen moet niet een programma worden óver de roze gehandicapten, nee, het moet een programma worden dóór de gehandicapten met homoseksuele gevoelens, én door hun omgeving die meewerkt aan een totale acceptatie en participatie binnen de homo- en gehandicaptenbeweging.
Mariska de Swart